Tot de laatste tel had het succes overtroffen kunnen worden. © Archief Ajax

Seizoen 1995/1996 zit erop. Het hád een nieuw gouden jaar kunnen worden, en dat was het eigenlijk ook wel, maar uiteindelijk voelt het toch anders. Ach, wat. Zomerstop. EK. Vakantie. En daarna in de Arena gewoon doorgaan.

Gek, eigenlijk: tot aan de allerlaatste seconden van de voetbaljaargang kon het seizoen 1995/1996 voor Ajax nóg mooier en succesvoller worden dan 1994/1995. Tot de klok van elf uur 's avonds op de allerlaatste wedstrijddag kon Ajax de prestatie van een jaar eerder niet alleen evenaren, maar zelfs zeer ruim overtreffen, want in 94/95 waren immers geen Wereldbeker en Europese Supercup veroverd.

Maar dat gebeurde dus niet, want Silooy kon niet scoren en Van der Sar kon niet keren en toen was dat bíjna gouden seizoen ineens een seizoen waarin verdriet en teleurstelling overheersten. Zo dun is de scheidslijn tussen euforie en frustratie.

Het was echt wel iets minder, al bij al. Niet eens zozeer in de Champions League, want als je de beste wedstrijden moet aanwijzen die Ajax in dat toernooi speelde, zouden er misschien wel meer uit 95/96 in de topvijf staan dan uit 94/95. Madrid. Dortmund. Athene. Ongenaakbaar was Ajax. Niet te bevatten zo sterk.

Vanaf de jaarwisseling leerde Ajax weer wat verliezen is.

Nee, vooral in de Nederlandse eredivisie merkte je het verschil. De start was verpletterend, maar vanaf de jaarwisseling leerde Ajax weer wat verliezen is, voelde het de hete adem van PSV en moest het zelfs heel even de koppositie prijsgeven, om uiteindelijk toch nog vrij eenvoudig aan het langste eind te trekken.

Bij Vitesse, bij Cambuur, bij Roda, maar ook bij Volendam en Sparta en in zwakke thuisduels met Go Ahead en RKC oogde Ajax plotseling, voor het eerst in jaren, als een heel gewoon ploegje, samengesteld uit gewone stervelingen. Ajax ploeterde en vocht tegen zichzelf; Ajax oogde vermoeid. Er leek een betovering verbroken. Tegen Juventus bleek die ene, allerlaatste wereldwedstrijd er niet meer in te zitten.

Waar kwam het door? Kreeg Ajax een knauw van die succesvolle maar uitputtende reis, via Madrid naar Tokyo? Daarna was de schwung eruit, leek het wel. Kwam het door het bijna continue blessureleed, zowel de 'zware gevallen' (Santos, Reuser, Overmars) als de steeds behoorlijk volle lappenmand? Had het te maken met de nieuwe transferregels en de aankondiging van Davids en Reiziger dat ze gingen vertrekken? Waren dat haarscheurtjes in het roestvrije staal van Van Gaals hechte Ajax?

Het is lastig te zeggen, onmogelijk zelfs, maar je vóelde dat het voor Ajax, misschien wel door al die dingen samen, niet meer vanzelf ging. En oh ja, dan was er ook nog dat akelige auto-ongeluk, veroorzaakt door Patrick Kluivert. De blessures, de tragedies; Ajax had niet langer altijd maar de wind in de zeilen, zoveel was wel duidelijk.

Zo ontvouwde zich een seizoen met zoet en bitter, met leed, glorie en uiteindelijk toch weer leed. Ajax eindigde het seizoen als ontheemde club: afscheid genomen van het oude stadion, maar nog geen bewoner van het nieuwe. Een ontwortelde club, die niet wist wat de post-Bosmantoekomst brengen zou.

Je vóelde dat het, misschien wel door al die dingen samen, niet meer vanzelf ging.

Gauw vooruitkijken dan maar. Euro 1996 in Engeland staat voor de deur, met Ajax 1 in de rol van het Nederlands elftal. Wie ongeveer heel Ajax kan opstellen als nationale ploeg is uiteraard titelfavoriet, dat lijkt me helder.

En daarna naar de Arena. Ik werk straks, in augustus, als figurant mee aan de openingsceremonie. Het wordt wennen, daar in de Bijlmer, maar het stadion ziet er fantastisch uit en biedt Ajax nieuwe financiële mogelijkheden, dus waarom zou Ajax volgend seizoen niet opnieuw kansrijk kunnen zijn in de Champions League?

Van Gaal blijft. Sar blijft. Blind en de Boertjes blijven. Litmanen en Kluivert blijven. Finidi en Kanu ook. Of toch niet? Nee. De Nigerianen maken duidelijk dat ze willen vertrekken en net als Davids en Reiziger zullen ze hun transfers afdwingen ook. Oei. Zó werkt dus dat Bosman-arrest. Ik moet er toch nog maar eens iets over lezen.

Maar het raamwerk van de ploeg staat onverminderd. En aan het roer daar staat, magistraal, Ajaxcoach Louis van Gaal. Zijn elftal is een Europese topploeg en waarom zou de vermoeide équipe dat, na een lekkere vakantie, niet gewoon blíjven in die fantastische moderne voetbaltempel in Zuid-Oost?

De toekomst is voor Ajax, daar zijn mijn vrienden en ik volledig, maar dan ook volledig van overtuigd. Zelfs als het minder wordt, zal het niet véél minder zijn en in elk geval niet voor lang. Zeker weten.

Dit was de laatste aflevering van de blogserie Leed & Glorie. De series Weense Wals (over 1994/1995) en Leed & Glorie (over 1995/1996) zijn in hun geheel terug te lezen. Klik hier voor de blogs van Menno Pot.

Reacties