Ondanks de ontlading na de 2-0 blijft het vervolg spannend. © Pro Shots

Door logistieke onhandigheid van mij, zag ik de wedstrijd naast een babyfoon. Thuis-thuis dus. Lichtelijk bevreemdend. De laatste jaren zie ik Arena-wedstrijden haast nooit meer buiten het stadion.

Waar ik het meest aan moest wennen, was Leo Driessen. Ik ken zijn werk behoorlijk goed, daar niet van, maar hoor hem nooit als hij op de perstribune in Amsterdam zit. Dan zit ik doorgaans namelijk tientallen meters verder en verzin ik zelf wat ik denk te zien, samen met het handjevol mensen om me heen.

Leo zorgde nu dat ik niet om de scheids heen kon. Hij had hoogstwaarschijnlijk gelijk. Het was vast een pietlut die ‘niet helemaal wist bij welke sport hij de leiding had’. Ik wil dat alleen helemaal niet toelaten. Bespiegelingen over de scheidsrechter zijn voor mij per definitie oninteressant. Dat is gezever dat ik in het stadion makkelijk van me af laat glijden. Alleen hield Leo er helaas maar niet over op.

Oké. Als ik wel op tijd oppas had geregeld, stonden er natuurlijk talloze gefrustreerden in mijn oor te blèren bij die gele kaart voor Traoré - om maar iets te noemen. Ongenoegen over de scheids is ook op de tribune onvermijdelijk. Maar dat is anders. Dat zijn emoties van mensen die smachten naar de eerste Europese kwartfinale in veertien jaar. Niet lui die voor hun werk opsommen wat iedereen ook gewoon kan zien. Niet dat ik Leo slecht vind. Ik had hem deze avond gewoon liever niet gehoord.

Door logistieke onhandigheid van mij, zag ik de wedstrijd naast een babyfoon.

Ajax speelde goed. Je zou bijna rare dingen gaan dromen over de aankomende Europese lentemaanden. Dat het de score niet uit wist te bouwen, zet op al te grote verwachtingen een gezonde rem. Het was daardoor ook de hele avond spannend. Dat zag je vooral aan beelden van Davy Klaassen op de tribune.

Hij had dan misschien het grote voordeel dat hij niet naar het gezever van Driessen hoefde te luisteren, maar het nadeel dat hij doorgaans zelf op dat veld staat. Met een aanvoerdersband om nog wel. Hij was nog een stuk ontheemder dan ik.

Toezien hoe collega’s het zonder jou moeten opknappen. Zenuwslopend moet dat zijn. Het zou me niets verbazen als hij even jaloers was op mensen met andere gekke banen, in het persvak bijvoorbeeld. Op mensen die ook voor een salarisstrook met het spelletje bezig zijn, maar dan zonder al die druk. Op Leo Driessen misschien, om maar iemand te noemen.

Lang kan die eventuele jaloezie echter niet hebben geduurd. Na het laatste fluitsignaal van die pietluttige scheids had Davy gewoon weer de mooiste baan op aarde. Aanvoerder van Ajax. Vanzelfsprekende kwartfinalist in Europa.

Zelfs als je er veertien jaar op hebt moeten wachten.

Reacties