Een mooi shirt met nog mooiere herinneringen. © Ajax Life

Jarenlang stonden ze me werkloos aan te staren vanuit mijn boekenkast. VHS-banden over Dennis Bergkamp, 1995 en het Europacupseizoen 1991/92. Zes weken geleden besloot ik er maar eens dvd’s van te laten maken. Best prijzig, maar daardoor beleef ik nu wel opnieuw mijn Ajaxtienerjaren, met zoonlief (9) naast me op de bank. Onbetaalbare geschiedenisles.

Dat het huidige Ajax zich wederom voor een Europacupfinale plaatste sinds mijn besluit om alles te digitaliseren, hield ik begin april aan de servicebalie voor onmogelijk. Het maakt onze warming-up richting Stockholm er thuis nu alleen maar mooier op.

Zo keken we gisteren samen nog eens naar dat memorabele Europacupseizoen, alweer een kwarteeuw geleden. Dan valt een aantal zaken op. Zo kon ik de zinnen van de commentatoren moeiteloos oplepelen en waren sommige Ajacieden (zoals Bryan Roy en Stefan Pettersson) onder aanvoering van Louis van Gaal behoorlijk zelfverzekerd. Op vragen of Ajax de finale ging halen, riep de jonge succestrainer voor de kwartfinale tegen Gent het volgende: "Nou, in ieder geval wel de halve finale."

De beeldkwaliteit is soms matig. Dat verraste me niet, want 25 jaar geleden spoelde ik de VHS-band zo vaak terug dat er waarschijnlijk sprake is van hevige tapeslijtage. Gelukkig overleefden de cruciale momenten, zoals doelpunten en interviews, de technische verhuizing.

Mooi ook om te zien hoe zoonlief opgaat in de beelden. Als Aron Winter Ajax in de slotfase in Genua naar de zege stift, juicht hij. Als invaller John van Loen in de finale tegen Torino een opgelegde kans mist, volgt er een grondige vloek. Ik grinnik. Mijn zoon schrikt van de blessuretijdblessure van Pettersson, maar is blij als hij de Zweed na de zenuwslopende finale op het bordes van de Stadsschouwburg ziet meevieren.

Als Aron Winter Ajax in Genua naar de zege stift, juicht zoonlief.

Terwijl buiten de mussen van het dak vallen, kijkt hij een uur onafgebroken naar de beelden. Die naderende spreekbeurt over de Canarische eilanden kan wel even wachten. Dit zijn de unieke momenten in een supportershart. Oud of jong.

Zelf beleef ik de beelden met een heerlijk nostalgisch gevoel. Het mooiste moment zit voor mij aan het eind. Een enthousiaste Van Gaal schreeuwt een nog uitzinniger Leidseplein toe. We vergeten een persoon, zegt hij. Louis herhaalt net nog maar eens voor de Ajacieden, dronken van geluk. "Een persoon..." Dan laat hij een korte stilte vallen. "Dennis Bergkamp! Dennis Bergkamp! Dennis Bergkamp! Dennis…Bergkamp!"

Ik krijg er net als 25 jaar geleden opnieuw kippenvel van. Wat was Bergkamp – toen mijn absolute idool – goed in dat jaar. Doelpunten tegen Örebro, Erfurt, Osasuna (uit en thuis), Genoa (thuis) en hij verdiende een strafschop in Turijn.

De mooiste treffer maakte hij thuis tegen Gent. Mijn Europese tribunedebuut, in een kolkend Olympisch Stadion. Ik zat als dertienjarige naast mijn vader en binnen tien minuten stond het 2-0. Kreek kopte raak en Bergkamp scoorde met een weergaloos stiftje dat ik de dagen en weken erna wel honderd keer op mijn eigen manier probeerde te evenaren. Dat uitgerekend mijn idool dat seizoen de tweede finale moest missen door griep, kwam mijn finalezenuwen niet ten goede.

Terwijl ik door mijmer over Bergkamp, concludeert mijn zoontje dat Ajax de beker destijds dus won zonder de beste speler. Daar voegde ik zelf de finale van 1995 aan toe, waar de beste speler van dat seizoen (Jari Litmanen) niet uit de verf kwam door hooikoorts. Maar Ajax won wel. Zoonlief merkte op dat Zlatan volgende week ontbreekt.

"Ajax is dus gewaarschuwd," zegt hij. Ik knik en voel de wedstrijdspanning bij hem oplopen.

Reacties